|
De geschiedenis van sprookjes
Het woord 'sprookje' zoals wij dat kennen is afgeleid van het middeleeuwse woord 'sproke', wat verhaal of vertelling betekent.
Er zijn heel veel verschillende soorten sprookjes, bijvoorbeeld dierensprookjes zoals de wolf en de zeven geitjes en de drie biggetjes. Maar er zijn ook raadsel- en leugensprookjes.
De meest populaire en bekende zijn de zogenaamde toversprookjes, verhalen vol avonturen, toverkunst en magie.
Wat zijn volkssprookjes
De toversprookjes behoren tot de zogenaamde volkssprookjes. Deze bestaan al honderden jaren en zijn ooit ontstaan doordat de mensen de sprookjes aan elkaar doorvertelden. Bijvoorbeeld tijdens het spinnen van wol of manden vlechten maar ook in de vrije tijd op de markt. Niemand weet dan ook wie de sprookjes ooit verzonnen heeft. Van sommige sprookjes zijn veel verschillende versies geschreven . Zo werden er in de vorige eeuw alleen al in Frankrijk bijna honderd versies van het sprookjes 'Klein Duimpje'verteld.
De hoofdfiguren die in de sprookjes voorkomen zijn bijna altijd arme mensen, vooral vrouwen en kinderen die aan hun lot zijn overgelaten en jongste zonen zonder een rijke vader. Een goed einde van de sprookjes betekent meestal dat de meisjes gaan trouwen met een knappe prins (assepoester en sneeuwwitje) en dat de kinderen en jonge mannen heel rijk worden zoals bijvoorbeeld in de sprookjes klein duimpje en de gelaarsde kat.
Het verhaal achter de volkssprookjes
Wat een volkssprookje verteld komt ons nu onwerkelijk over, alsof dit niet mogelijk is. Maar vroeger was het leven hard en de dood (door bijvoorbeeld hongersnood of ziekte) lag altijd op de loer.Soms werden de ouders gedwongen om hun kinderen tijdens een hongersnood ergens alleen achter te laten. Een voorbeeld over die hongersnood is het bekende sprookje van Hans en Grietje, want ook zij werden door hun ouders alleen in het bos achtergelaten omdat hun ouders niet genoeg eten hadden voor het hele gezin.
Figuren die in sprookjes voorkomen, waar we nu niet meer in geloven, zoals heksen, duivels en geesten, waren voor mensen uit de vorige eeuw wel iets waar ze in geloofden, zij wisten niet beter dan dat die wezens bestonden. En wolven waren in die tijd nog in heel Europa aanwezig!
Voor wie?
Vroeger waren de sprookjes eigenlijk niet voor kinderen bedoeld, ze waren meer bedoeld als waarschuwing die kinderen bang moesten maken voor wolven en weerwolven. 'Roodkapje' is zo'n sprookje, in de oorspronkelijke versie van dit sprookje overleeft zij het niet.
Sprookjesachtige verhalen
Nu, in onze tijd worden er nog steeds heel wat sprookjesachtige boeken geschreven. Ze lijken niet meer op de sprookjes van vroeger.
Ze zijn lang niet zo griezelig meer en juist de reuzen, heksen en monsters in deze boeken zijn aardig. Sprookjesachtige boeken zijn er voor kinderen van alle leeftijden. Enkele beroemde schrijvers van onze tijd die sprookjesachtige boeken hebben geschreven zijn: Astrid Lindgren, Annie M.G Schmidt en Paul Biegel.
|